Nieuws

Impact werelderfgoedstatus op Nieuwe Hollandse Waterlinie

Dit jaar hoopt de Nieuwe Hollandse Waterlinie op de UNESCO werelderfgoedlijst te komen als uitbreiding van het werelderfgoed Stelling van Amsterdam. Wij onderzochten in opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) de effecten van de werelderfgoedstatus op de opgaven in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). De resultaten van deze impactanalyse zijn samen met het advies van het International Council on Monuments and Sites (ICOMOS) reden voor het kabinet geweest om een aanvraag te doen bij het Werelderfgoedcomité van UNESCO.

De Nieuwe Hollandse Waterlinie

De Nieuwe Hollandse Waterlinie is een verdedigingslinie van 85 kilometer lang en bestaat uit onder meer 45 forten, 2 kastelen, 85 mitrailleurkazematten, talloze betonnen schuilplaatsen en ruim 100 militaire sluizen en waterwerken. De linie is hiermee het grootste rijksmonument van Nederland, maar ook een van de grootste Nederlandse bouwprojecten ooit, die bovendien door verschillende eeuwen heen ontstaan is.

Huidige bescherming van het erfgoed: impact van de werelderfgoedstatus

 

Ons onderzoek naar de impact van de werelderfgoedstatus bestaat uit een aantal onderdelen. Allereerst keken we naar het verschil tussen de huidige bescherming en de bescherming met de status van werelderfgoed. Hieruit bleek dat de Nieuwe Hollandse Waterlinie in de huidige Nederlandse wet- en regelgeving volledig beschermd is tegen ontwikkelingen die afdoen aan de waarde van het erfgoed. De daadwerkelijke wet- en regelgeving met de werelderfgoedstatus blijft dus gelijk aan de huidige situatie. De inschatting is wel dat wanneer de Nieuwe Hollandse Waterlinie de werelderfgoedstatus krijgt, betrokken overheden de regels consequenter en strikter gaan toepassen.

De impact van de werelderfgoedstatus op de NOVI-opgaven

 

Vervolgens is onderzocht in hoeverre dit verschil impact heeft op de NOVI-prioriteiten en wat dit betekent voor het handelingsperspectief. Aan de hand van literatuuronderzoek, ontwerpend onderzoek en ateliers met stakeholders - werkzaam in verschillende delen van de waterlinie en op verschillende beleidsniveaus – zijn de ruimtelijke ontwikkelingen nader bekeken. De ateliers met stakeholders waren georganiseerd rondom drie pilotgebieden: het noordelijke deel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie rond Weesp-Naarden (Atelier Noord), het deel rond Utrecht (Atelier Midden) en het zuidelijke deel van de linie nabij Woudrichem (Atelier Zuid). Deze ontwerpateliers gaven inzicht in kansen en knelpunten bij zowel het benutten als het beschermen van dit erfgoed. Tot slot zijn per strategische opgave van de NOVI algemene richtlijnen en aanbevelingen geformuleerd. Ook is een inschatting van de meerkosten en opbrengsten gemaakt als gevolg van de werelderfgoedstatus.

Resultaten onderzoek

 

De uitkomst van het onderzoek is dat de impact van de werelderfgoedstatus beheersbaar, dan wel neutraal of stimulerend is. Met name voor opgaven als de energietransitie en verstedelijking is extra inspanning vereist. Voor andere opgaven betekent de werelderfgoedstatus juist een meerwaarde of extra impuls; in het bijzonder geldt dit voor een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving en het versterken van een vestigingsklimaat.

 

Voor deze opdracht werkten we samen met Land-id.